geldDe spaarhypotheek was een aardige constructie (sinds 1 april mag hij niet meer): je betaalt je maandelijkse rente en daarbovenop een bedrag dat wordt gespaard. Na tig jaar is dat bedrag zo hoog geworden dat je de hele hypotheek kunt aflossen. Klaar.

Zoiets kun je ook zelf doen. Geinspireerd door Erica Verdegaal werk ik 3 manieren uit; ik wil weten wat het voordeligst is.

Methode 1: je betaalt over je hypotheek elke maand rente. Daarnaast zet je elke maand een bedrag op een spaarrekening. Zodra dat spaarbedrag hoog genoeg is, los je je hele hypotheek af. Voordeel: mocht het nodig zijn, kun je het geld ook nog ergens anders voor gebruiken, wat niet kan als je tussentijds aflost. Nadeel: Het totaalbedrag dat je zo aan je huis besteedt, is bij deze methode het hoogst.

  • rekenvoorbeeld: ton hypotheek, 4% rente: jaarrente 4000 euro. Maandelijks spaar je 500 euro tegen 2% rente. Na 15 jaar heb je zo een ton gespaard (zie berekenhet.nl) waarvan 90.000 euro inleg en 10.000 euro rente. Kosten:  90.000 euro inleg, 60.000 rente. Totaal: 150.000 euro.

Methode 2: Je betaalt maandelijks de rente en lost elk jaar een vast bedrag af. Vrijwillig, waarbij je onder de boetegrens blijft. Voordeel: goedkoper dan methode 1. Het maandbedrag wordt elk jaar lager. Nadeel: je hebt geen potje voor onverwachte tegenslag.

  • rekenvoorbeeld: ton hypotheek, 4% rente. Maandelijks betaal je de rente en je betaalt 6000 euro per jaar vrijwillig af. In het 17de  jaar betaal je zo je hypotheek af. Intussen betaal je het eerste jaar 4000 euro rente, het laatste jaar nul. Gemiddeld 2000 euro per jaar. Kosten: 100.000 euro aflossing, 34.000 euro rente. Totaal: 134.000 euro.

Methode 3: als 2, maar bovendien zet je je rentevoordeel elk jaar op een spaarrekening. Het maandbedrag houd je dus gelijk: je bedrag aan de bank wordt steeds lager, de inleg op je spaarrekening steeds hoger. Op het moment dat het spaarbedrag gelijk is als de openstaande hypotheekschuld, los je die af. Voordeel: je trekt rente op rente, je bent eerder klaar en je hebt een spaarpot voor noodgevallen. Nadeel: discipline is nodig en maandbedrag wordt niet lager als je je spaarrekening meerekent.

  • rekenvoorbeeld: zelfde getallen. Het eerste jaar zet je 240 euro op je spaarrekening, het tweede jaar 480 euro, het derde jaar 720 euro en zo door, elk jaar 240 meer . Op die rekening trek je rente op rente. Na 13 jaar staat er 24000 euro op waarvan 5000 euro rente. Intussen heb je 78000 afbetaald en met je spaarrekening betaal je de rest. Hypotheekvrij in 13 jaar en dan heb je nog 2000 euro over! Kosten: 78.000 aflossing, 32.000 rente, 19.000 inleg spaarrekening. Totaal: 129.000 euro.

Wat als je je hypotheekrenteaftrekvoordeel meeneemt? Uitgaande dat je die nog hebt voor de komende 17 jaar en dat je valt in de 31% belastingsschijf en dat blijft doen voor de hele periode, kom ik met de bovenstaande cijfers op de volgende uitkomsten.

  • methode 1: in totaal heb je 60.000 euro rente betaald waarvan je 18.600 euro terugkrijgt. Totale kosten van je hypotheek van een ton worden nu 131.400 euro.
  • methode 2: je hebt 34.000 euro rente betaald, daarvan krijg je 10.540 euro terug. Totale kosten hypotheek: 123.460 euro
  • methode 3: je hebt 32.ooo euro rente betaald, daarvan krijg je 9.920 euro terug. Totale kosten hypotheek: 119.980 euro.

Wow, dit is een eyeopener. Ik hoor vaak dat je niet moet aflossen want dan profiteer je niet optimaal van je hypotheekrenteaftrek. Maar ondanks dat je minder profiteert is het toch goedkoper om wel af te lossen!

Naar deel 5 van deze serie over dit boek.

Naar het vorige blogje over geldzaken in het huishouden en het boek van Verdegaal.