De sociaal-democratie heeft Nederland tot een van de gemakkelijkste landen om in te leven gemaakt. Een land gebaseerd op de sociaal-democratische principes dat rechten en plichten voor iedereen gelijk zijn, dat de sterkste schouders de zwaarste lasten dragen, en dat kansen in het leven niet afhangen van afkomst. Een land met bovendien een groot vangnet voor iedereen die dat nodig heeft.

Dat vangnet is een groot goed, maar niet meer betaalbaar. En al helemaal niet op de lange termijn. Dus moet het roer om: op naar de participatiemaatschappij van Rutte en Samsom.

Sommige politieke partijen (SP, 50+, PVV) zetten hun hakken in het zand en verdedigen verworven rechten ook al weten hun leiders zelf vast wel dat die verworven rechten op den duur niet meer betaalbaar zijn. Dat wij het eten opeten dat voor onze jongeren bedoeld is. Andere politieke partijen (GL, VVD) houden zich eigenlijk alleen bezig met hen die geen vangnet nodig (denken te) hebben. Bij deze omslag speelt de sociaal-democratische vleugel in de politiek daarom weer een cruciale rol, net zoals de afgelopen honderd jaar bij de opbouw van de zorg-samenleving.

Het is niet zo moeilijk om in een groeiende economie een samenleving op te zetten waarbij iedereen tevreden is.  Het is oneindig veel moeilijker om bij minder geld iedereen recht te doen.

Vergelijk het met een gezin. Zolang er elk jaar meer geld binnen komt, kan het gezin groeien en gedijen. Kinderen worden groter en krijgen andere wensen en die kunnen worden vervuld. Elk gezinslid kan elk jaar beter hobby’s uitoefenen, spullen kopen en op vakantie. Maar wat als het spaargeld opraakt en het inkomen ineens halveert? Welke tijdschriften worden het eerst opgezegd, die van de ouders of die van de kinderen? Elk gezinslid gaat vechten voor zijn eigen belang, begrijpelijk, maar onterecht. Zo’n gezin moet helemaal opnieuw gaan rekenen, plannen, regels opstellen, budgetteren.

Nederland staat voor deze zelfde uitdaging, misschien wel de grootste in de geschiedenis van Nederland. Wat een voorrecht om daaraan mee te mogen denken.