Ik zit in de bibliotheek en blader wat woonbladen door. Ik begrijp woonbladen niet zo goed: alsof je elke maand je huis opnieuw gaat inrichten, in het voorjaar gele muren, gordijnen en kussens, in de herfst rode donkergordijnen en kussens. Wat doe je dan met die gele gordijnen? Wat een verspilling van gordijn en geld. Of is het de bedoeling dat je elk half jaar wisselt van gordijn? Dat zou kunnen, eens per half jaar de gordijnen eraf, wassen en wisselen. Dunne zomergordijnen en dikke isolerende wintergordijnen. Niet eens zo’n gek idee. Die tip staat niet in de woonbladen.

Woonbladen zijn de ultieme verleiding tot overconsumptie. Elke maand nieuwe inspiratie om weg te gooien en nieuw te kopen. De economie moet aangejaagd om ons uit de crisis te helpen, maar mij lijkt dit een heilloze weg. Wereld en mensheid zou beter af zijn als we met zijn allen een stap terug doen.

Mijn huis is ingericht in sprokkelstijl. Bijna alles heb ik gekocht in een Emmauswinkel – een tweedehandswinkel met een goed doel. Als iets stuk is, koop ik wat nieuws wat er ongeveer bij past. Zij blij, ik blij.
Wat blijkt: mijn stijl past perfect in een nieuwe hype, de bazaarstijl. Die simpele sprokkelstijl is vercommercialiseerd en een overconsumptieve mode geworden. Eetkamersets met allemaal verschillende stoelen zijn extra duur. Binnenkort koop je een servies met allemaal verschillende bij elkaar passende borden en kopjes.
Tja, zo wordt het nooit wat met wereld en mensheid.