Ik heb mijn segrijnslakkenkwekerij weer opgezet. Ze wonen weer in hun eigen wereldje in een plastic kist onder een tuinbank. Daar zitten ze beter dan in mijn tuin. Na een regenbuitje lopen segrijnslakken massaal over mijn stoepje en dan trap ik ze nogal eens plat. Niets viezer dan een platgetrapte segrijnslak. Daarom raap ik ze op en zet ze in een plastic box waarin ik gaatjes heb gemaakt vlak onder de rand, zodat er geen water maar wel lucht in komt. Beter opeten dan plattrappen.

Ze leven lekker tot ik besluit ze op te eten.

Ik zie dat mijn laatste blogje dateert van 5 juni 2013: toen had ik 18 slakken in de bak. De tien grootste heb ik opgegeten. Het heeft geen zin kleintjes te vangen en die in de kist verder te laten groeien, want dat duurt een paar jaar. Daarna heb ik enkele keren slakken gegeten, slakken bijgevangen, en toen werd het herfst.

Aan het eind van de herfst vond ik geen nieuwe meer en zaten er nog een aantal in de kist. Die hebben de hele winter in de schuur in de droge lege kist gezeten. Ik voelde me al vreselijk schuldig dat ik ze had laten verhongeren. Maar dit voorjaar, toen het lekker weer werd, sproeide ik ze nat met de plantenspuit en binnen enkele minuten waren ze allemaal weer enthousiast aan de wandel.

En nu kruipen ze dus weer rond in hun kistje.