Deur dicht, roep ik ’s winters tien keer per dag tegen mijn huisgenoten. Ons trappenhuis is onverwarmd en ’s winters is het daar meestal niet warmer dan 12 graden. Voordeel: de koelkast, die op de gang staat, slaat niet aan.

De dranger lag al de hele zomer klaar. En nu zit hij erop, eindelijk.