Nou dat was me het weekje wel. Mijn partij de PvdA heeft het nou niet echt geweldig gedaan bij de Statenverkiezingen. Toch ben ik overtuigd van onze insteek.

We wisten natuurlijk twee jaar geleden al, toen we in het kabinet stapten, dat we dit niet deden om stemmen te trekken. We hadden allang ingezien dat het bestaande zorgstelsel op de schop zou moeten om het voor onze kinderen betaalbaar te houden. Dat wisten alle weldenkende politieke partijen wel, maar de meeste wilden zich daar de afgelopen jaren niet aan branden en dus werd het snoeien uitgesteld tot de problemen bijna te groot werden. Samen met de VVD besloten we de problemen nu echt aan te pakken om het zorgstelsel duurzaam te maken. In tijd van uitbreiding en groei is regeren leuk, maar juist bij deze gigantische verandering is het belangrijk mee te doen.

De PvdA heeft aan de wieg gestaan van dit stelsel en we zijn er trots op. Trots dat mensen die buiten hun schuld in de problemen komen door ziekte, ongeluk of andere pech, in Nederland een goed of redelijk bestaan kunnen hebben. Het is hard om dat stelsel op te moeten geven. Dat is dus ook niet de bedoeling. Maar het is te duur, en als we zo doorgaan, hebben mijn Zoons straks niets meer.

Alleen al daarom is het juist goed dat de PvdA actief meedenkt aan de vormgeving van deze grote verandering. Als we dit aan liberale of rechtse partijen hadden overgelaten was er nietsontziend geschrapt, gelovend in zelfredzaamheid, marktwerking en rendementsdenken. De PvdA heeft juist keer op keer de ommezwaai zo sociaal mogelijk proberen vorm te geven. Juist denkend aan hen die alleen maar een fijn of redelijk leven kunnen hebben vanwege het bestaande stelsel.

Verzet is logisch. Het kwijtraken van verworven rechten is natuurlijk naar. Andere politieke partijen spelen daar handig op in. Staan te roepen aan de zijlijn dat het een schande is zonder mee te willen denken over betaalbare alternatieven. Of roepen, om kiezers te trekken, dat alles anders moet, maar steunen intussen wel bijna alle kabinetsvoorstellen. Of roepen dat er veel meer bezuinigd moet worden zonder te zeggen waarop.

Wat moet dat moet. Ik geloof erin en blijf mijn partij steunen. Ik hoop met heel mijn hart dat over twee jaar blijkt dat Nederland nog beter is geworden, op een eerlijke en blijvend betaalbare manier.

Maar nu heb ik een kater.