Ik breng een zakje restafval weg naar de kliko verderop in de straat. Het is maar een klein zakje waar poezebrokjes in hadden gezeten. Thuis gekomen open ik de la met dat soort zakjes, en ik zie dat er twee zakjes liggen te wachten op hun beurt.

Dat betekent dat ik minder afval heb dan toen ik dit systeem begon. In het begin was het ‘poezebrokjeszak leeg = afvalzak vol’. Nu liggen er maar liefst twee op voorraad klaar.

Hoe kan dat? Ik puzzel wat ik zoal weggooi bij het restafval.

  • prulletjes: een lege pen, een afgebroken oor van een koffiekopje, een kapot handdoekhaakje;
  • vieze papieren zakdoekjes: sinds ik weer stoffen zakdoeken gebruik (ik snif het hele jaar door) heb ik die nauwelijks meer.
  • vieze papieren koffiefilters: ik merk dat die absoluut niet verteren in mijn compostbak. De koffieprut wel natuurlijk. Maar sinds ik koffie zet met een percolator, gebruik ik nauwelijks meer koffiefilters.
  • vies keukenpapier: dat gebruik ik ook nauwelijks meer sinds ik ben overgestapt op doekjes.
  • niks

Nou, dan begrijp ik wel waarom ik bijna geen restafval meer heb. Want dit mag een vrij anarchistisch huishouden zijn, zoveel afgebroken oren van koffiekopjes heb ik nou ook weer niet. Al was het maar omdat ze bijna allemaal hun oor al kwijt zijn.

Advertenties