Op zondag breng ik meestal (als ik niet naar buiten ga) mijn huishouden op orde. Ik poets een half uurtje, zuig een kwartiertje. Ik zoek de post uit en betaal rekeningen. Ik geef de planten water en ben helemaal verrast dat een kale zijtak van een groene plant (Fatshedera meen ik) die ik op straat had gevonden toch weer begint uit te lopen. Wow, daar word ik vrolijk van en ik speel een deuntje Bach van plezier. Ik breng oud papier naar de papierbak, restafval naar de restafvalbak, glas naar de glasbak en een kistje met droge eikenbladeren – die voor de nieuwe hausse valt komende herfst echt niet zijn verteerd – naar de groenbak. Dan zet ik koffie (met een percolator op het fornuis, en dat moet je even onthouden), was af en haal een doekje door de keuken. Tegen de tijd dat de percolator begint te pruttelen is mijn huis op orde. Ik geniet van mijn koffie. Klaar, vrij, zondag. Nu mag ik lezen en schrijven, spelen en studeren, vanmiddag even er uit naar het Leeffestival.

En wat blijft dus altijd smerig? Het fornuis waarop ik koffie zet.

Prettige zondag allemaal.

Advertenties